tg1. |
De versie op het splash screen van Corsa en MyCorsa toont deze release 2010-4.
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
tg2. |
In de 2010-4 release is een technische wijziging doorgevoerd. De gebruikte toolkit voor TCP/IP netwerk communicatie is geactualiseerd. Deze toolkit wordt door diverse Corsa componenten gebruikt. Onder andere door de Corsa/Document Server 7.2.
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
tg3. |
Voor Microsoft SQL-Server en Oracle omgevingen zijn deze release databasewijzigingen voor omgevingen waar Corsa, AUDIT en/of ETL wordt gebruikt. Onderstaande tabel geeft weer in welke volgorde en op welke databases de genoemde scripts dienen te worden uitgevoerd bij een upgrade naar de 2010-4 release. Naast het uitvoeren van de scripts dienen de bijbehorende schemaholders (voor de clients, AppServer en WebSpeed) te worden aangepast. Hiervoor kan contact worden opgenomen met de Servicedesk van BCT. Voor het aanbrengen van wijzigingen in de database wordt een backup aanbevolen.
Oracle database (alleen gebruiken indien automatische database upgrade tool van Oracle niet volstaat):
Microsoft SQL Server database:
De scripts met een datum in de naam mogen maar één keer per database worden uitgevoerd. Hier kunnen namelijk CREATE statements in zitten en die kunnen fouten opleveren als het script meerdere keren wordt uitgevoerd.
Bij het uitvoeren van bijvoorbeeld de alter_corsa_201010.sql wordt gevraagd om de small/medium/large data en index tablespace. Deze kunnen met het SQL commando ‘select tablespace_name from user_tablespaces’ worden achterhaald.
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
tg4. |
Voor Progress en Oracle databases zijn deze release bovenstaande databasewijzigingen van Corsa, AUDIT en/of ETL opgenomen in de programmatuur. Deze wijzigingen worden automatisch doorgevoerd bij de eerste keer inloggen in Corsa.
Voorwaarde is dat voordat deze wijzigingen kunnen worden doorgevoerd er geen gebruikers geconnecteerd zijn met de database. Dat houdt dus ook in dat de AppServer en WebSpeed server gestopt moeten zijn ten tijde van de upgrade. Zijn deze niet gestopt dan kan een soortgelijke melding naar voren komen:
Voorwaarde voor de database upgrade is dat de databaseupgrade plaatsvindt voordat de systeemtabellen van Corsa worden bijgewerkt.
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
tg5. |
Informatie over het aantal tabellen en indexen op de diverse databases voor deze release:
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
tg6. |
De ODMA integratie voor Microsoft Office 2010 (32 Bit) is toegevoegd aan de 2010-4 release. Het betreft de integraties voor Microsoft Office Word en Microsoft Office Excel. Microsoft Office Outlook wordt vooralsnog NIET ondersteund. Ook de 64 Bit versie van Microsoft Office 2010 wordt NIET ondersteund.
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
tg7. |
In 2010-4 zijn twee nieuwe Progress opties toegevoegd. Deze opties dienen ingesteld te worden in de Progress AppServer instellingen. Het betreft de procedures appstd2/startup.p en appstd2/shutdown.p. Zie het volgende voorbeeld voor meer informatie:
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
tg8. |
Vanaf release 2010-4 zal BCT standaard aanpassingen in de logging procedure van de Progress AppServer en de Progress WebSpeed server doorvoeren. De optie Append to broker log file blijft ingeschakeld. De waarde van het veld Broker log file threshold size wijzigt van de standaard waarde 0 naar 500000 (vijfhonderdduizend). Met deze aanpassingen worden ook loggegevens weggeschreven op het moment dat een Progress AppServer of Progress WebSpeed server wordt herstart. Zie het volgende voorbeeld voor meer informatie:
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
tg9. |
Vanaf release 2010-2 voegt BCT standaard certificaten toe aan de bestanden die zijn opgenomen in de diverse Corsa MSI's. Door het toevoegen van deze certificaten is de kans aanwezig dat het inloggen in (My)Corsa wordt vertraagd op werkplekken die geen internettoegang hebben. Bij dergelijke problemen wordt verzocht contact op te nemen met de BCT servicedesk, voor ondersteuning bij het oplossen van dit probleem.
Achtergrond informatie Bij het gebruik van een bestand dat digitaal is ondertekend wordt op het internet éénmalig gecontroleerd of het certificaat juist is. Zodra het certificaat is gevalideerd, zal het certificaat niet meer worden gecontroleerd. Om te voorkomen dat elk werkstation/server waarop de Corsa software staat verbinding maakt met het internet, is het mogelijk om het certificaat van BCT (dat digitaal wordt ondertekend met behulp van een ThawTe certificaat) éénmalig te downloaden door (My)Corsa op te starten. Het certificaat kan vervolgens met ondersteuning van een technisch specialist worden toegevoegd aan het Windows domein. Hierdoor zal het certificaat niet op alle werkstations/servers via internet worden gecontroleerd.
|